08-02-2019

10. Medio augustus: het inwinteren begint

In deze video zie je drie verschillende manieren om volken in te winteren. Onder inwinteren verstaan we het bijvoeren van volken om de honingvoorraden op te krikken tot de noodzakelijke reserves om de winter door te komen. Het winterseizoen duurt tot medio maart. Vanaf dat moment komt er weer voldoende vers voedsel binnen.

Een volk in één broedkamer (spaarkast) heeft 14 kilo wintervoer nodig en in een Dadantkast is dat ongeveer 18 tot 20 kilo. Die 18 kilo komt weer overeen met de hoeveelheid reserves voor een tweebaks spaarkastvolk. Van tweebaks is sprake wanneer het volk echt twee bakken bezet. Is de onderste bak nagenoeg leeg, dan beschouwen we zo'n volk als een éénbaksvolk. 

Medio augustus schouwen we de volken en stellen we vast hoeveel verzegelde honing er aanwezig is. Iedere vierkante decimeter aan twee kanten verzegeld weegt 370 gram. Een compleet verzegeld simplex broedkamerraam weegt 2,1 kilo. De aanwezige hoeveelheid honing hoef je dus niet meer bij te voeren. Het bijvoeren betreft het deel dat nog ontbreekt ten opzichte van de gewenste 14 of 18 kilo. 

Iedere kilo droge kristalsuiker opgelost in water wordt door de bijen opgenomen en ingedampt totdat de suikerwateroplossing nog maar 20% water bevat. Die ene kilo suiker wordt derhalve als wintervoer ongeveer 1,2 kilo vanwege het aanwezige water in het voer. Met 10 kilo droge suiker maken de bijen dus 12 kilo wintervoer. Ditzelfde geldt voor cans invertsuiker, ondanks het brutogewicht van 14 kg of iets dergelijks is het droge gewicht ongeveer 10 kg suiker. Deze 14 liter invertsuiker weer door de bijen ingedampt tot 12 kilo wintervoer. 

Indien een groot volk (tweebaks spaarkast of 10-raams Dadant) medio augustus niet meer over enige reserve beschikt, moet je dus 1,5 can invertsuiker voeren om aan de gewenste 18 kilo wintervoer te komen. 

Bij het oplossen van kristalsuiker kun je het makkelijkste 3 kilo suiker oplossen in 2 liter handwarm water. 

Voer het streefgewicht in de periode van half augustus tot half september met een mogelijke uitloop tot 1 oktober. Voer in het begin kleinere hoeveelheden van 1,5 kg per keer/per week en voer het gewicht op in de richting van de laatste 2 weken. Controleer vooral eind september of de kasten fors zwaarder geworden zijn. Sommige volken zetten de verstrekte energie om in een vergroting van het broednest. Dit is niet de bedoeling, het broednest moet juist langzaam krimpen ten gunste van het ontstaan van langlevende winterbijen. Dit zijn dus met name de jonge bijen die niet meer als voedsterbij gediend hebben. Mocht het gewicht van de kast te licht zijn, voer ze dan gerust nog 5 tot 10 kg. Controleer zo nodig de voervoorraad. 

Mocht je zoals in de video te zien is, willen voeren met grote 15 kg suikerdeeg blokken, begin dan zeker half juli al direct met het plaatsen van de doos suikerdeeg, want ze hebben hier twee maanden voor nodig. Na afloop weer controleren. 

Ben Som de Cerff, hobby-imker en docent bijenteelt

Reacties

Momenteel zijn er nog geen reacties, wees de eerste!

Uw reactie

Vink onderstaand controlevakje aan tegen spamrobots

Blijf op de hoogte

Wilt u automatisch een e-mail ontvangen zodra Ben Som de Cerff een nieuw blogbericht heeft geplaatst?
Meldt u zich dan hier aan.